
Nee dus, zo bedoel ik dat niet! Heel geduldig luisteren naar iemands probleem is de eerste stap. Je proberen in te leven in de situatie en hand-in-hand zoeken naar een adequate structuur is de tweede. Laten we eens proberen of ik jullie mee kan krijgen op weg naar verbetering:
-Ken jij ook van mensen in je omgeving die alleen maar vol zitten met plannen, maar nooit verder komen als het erover praten?
-Van die mensen die altijd dezelfde (om)weg bewandelen, of altijd dezelfde (overbodige) handelingen doen?
-Keek je vroeger ook elke avond onder het bed? Hoe vaak controleren we iets zonder ons af te vragen waarom, hoe eventuele fouten zijn ontstaan of kunnen worden voorkomen?
-Hoe vaak probeer je dingen bewust beter c.q. anders te doen dan de vorige keer? Hoe vaak maak je medemensen bewust deelgenoot van je ervaringen?
Als je bovenstaande vier vragen in een logisch verband probeert te “begrijpen”, ben je al aardig op weg om problemen gestructureerd aan te pakken.
Plan-Do-Check-Act:

Do: Doe datgene wat je gepland hebt, voer dus die verbetering daadwerkelijk uit!
Check: Controleer het beoogde resultaat! Ging er nog iets verkeerd. Zo ja, wat ging er dan verkeerd?
Wat is het leereffect?
Act: Ben je tevreden over het resultaat, schitterend toch! Dan doen we dat zo in het vervolg, en delen we ons succes met anderen. Hartstikke leuk toch, je bent klaar voor je volgend probleem(pje).
Mooi verhaal, maar je had het toch ook over gewichtwerpen, wat is daaraan het probleem en hoezo dat Plan-Do-Check-Act? Simpel toch, het probleem is voor iedere gewichtwerper begrijpelijk en herkenbaar, hoe krijg je die rotkogel een eind verder weg! De mogelijke verbeteringen zijn schier onuitputtelijk. Want, ja hoor, ook dat domme gewichtwerpen raakt aan veel wetenschappelijke terreinen. Biologie, want uiteindelijk is ons eigen lijf de ultieme sportmachine die dat ding weggooit. Natuurkunde, want daarmee kun je berekenen wat de efficiëntste bewegingen en vormen zijn. Techniek, want iedereen wil het beste materiaal ter beschikking. Psychologie, want zonder een manier om met de druk om te gaan is een gewichtwerper nergens. En ( maar dat vergeten we maar) de biochemie, want met de juiste pilletjes of injecties . . . . . . Vaak moet je het zoeken in de combinatie, want als iemand verder gooit met die ene blauwe kogel, dan wil iedereen plotseling alleen nog maar die ene blauwe kogel gebruiken!
Noteer zoveel mogelijk verbeteringen, één draai versus twee draaien, rug recht, billen boven je hakken, dieper zitten, met je rechter voet de draai inzetten, wachten, armen gestrekt, bovenlichaam stil houden, opstrekken bij afworp, wegslingeren versus beide armen gestrekt omhoog bij afwerpen, krachttraining, volle scheppen zand over je schouder weggooien, buikband ja/nee etc. etc.. Ga bewust en serieus trainen met een van je zorgvuldig gekozen verbeteringen. Meet het effect (de afstand), werp ook nog eens een paar keer volgens je oude methode om zeker te zijn van het effect. Gooi je verder, dan hou je dat vast, noteer het op een briefje als geheugensteuntje bij de eerstvolgende wedstrijden. Deel je ervaring met je collega-werpers. Streep af op je lijstje en plan daarna een volgende verbetering, voer die uit in je training, meet het effect zorgvuldig, leg het vast etc.etc..
Proficiat, je hebt de eerste stap gezet op weg naar continue verbetering, gegarandeerd dat je verder gaat gooien. Onzin? Ik dacht ’t niet! Want het alternatief, altijd maar op dezelfde manier dat ding weg sodemieteren, dat schiet niet op. Erger nog, het leidt uiteindelijk tot frustratie, en daar waren we bovenaan toch mee begonnen?
Geen opmerkingen:
Een reactie posten